A  G  R  O  R  G  A  N  I  C
O  R  G  A  N  I  C    A  G  R  I  C  U  L  T  U  R  E

Historie

 

 

 

AGRORGANIC is ontstaan als gevolg van het doorgeven van inspiratie, kennis en natuurlijk de genen van mijn voorouders, de familie Boonstoppel en de verwante familie Groenenboom. Als derde generatie uit dit overzicht heb ik halverwege de jaren '60 van de vorige eeuw mijn eerste "landbouwcursus" gekregen van mijn grootvader Dirk Boonstoppel. Opa exploiteerde in het Zuid Hollandse gedeelte van de Biesbosch een akkerbouwbedrijf samen met mijn grootmoeder Maria Cornelia van Driel, en na haar overlijden op 25 jarige leeftijd met zijn tweede vrouw Alida den Engelsen. Uit het eerste huwelijk is mijn vader, Hein Boonstoppel geboren, en Dirk Boonstoppel kreeg later nog vijf kinderen vanuit zijn tweede huwelijk, het akkerbouwbedrijf wat nog lange tijd door één van zijn kinderen is voorgezet, is uiteindelijk opgegaan in natuurgebied. Opa Boonstoppel was naast akkerbouwer en koopman zeer actief in het verzet tijdens de tweede wereldoorlog. Hij was onder andere betrokken bij het veiligstellen van geallieerde soldaten in de wateren van de Biesbosch. Het verzetswerk, waarvoor hij dankbetuigingen ontving van zowel Generaal Eisenhower als van toenmalig president Roosevelt, heeft een zware wissel getrokken op zijn latere leven. In 1970 is opa, als gevolg van van hartklachten, op 63 jarige leeftijd overleden. Na de oorlog, in 1983, is Dirk Boonstoppel postuum onderscheiden met het Nederlandse Verzetsherdenkingskruis. 


Mijn vader, Hein Boonstoppel, kwam als kin na het overlijden van zijn moeder, onder ouderlijk toezicht van zijn tante Klasina Groenenboom. "Tante", zoals zij door ons genoemd werd, was een volle nicht van mijn vroeg overleden oma, Maria Cornelia van Driel. Tante had oma op haar sterfbed beloofd om voor mijn vader, die dan anderhalf jaar oud is, te zullen zorgen. Hein Boonstoppel heeft, na het overlijden van zijn moeder en na het hertrouwen van zijn vader, in zijn jeugd veel op en neer gereisd tussen Dordrecht (Biesbosch), waar zijn vader woonde en Zeeland, (NBr) waar "Tante" een fruitteeltbedrijf exploiteerde. Een bedrijfstak waar ook mijn vader als jong volwassene een grote liefde voor ontwikkelde, en waarbinnen hij zowel praktisch als bestuurlijk zeer actief werd. Hein Boonstoppel stichtte een fruitteeltbedrijf binnen het bedrijf van "Tante" en was al op 26 jarige leeftijd voorzitter van de Nederlandse Fruittelers Organisatie. Samen met mijn moeder, die voor haar huwelijk met mijn vader als verpleegster werkte, betrok mijn vader later een woning op het bedrijf van Tante, waar ik  samen met mijn twee zussen opgroeide. Veel mensen uit de regio Mill vonden werk op zowel mijn vader's bedrijf als op Tante's bedrijf "de Klasinahoeve", vooral in de drukke oogstseizoenen. Voordat mijn vader mijn moeder leerde kennen maakte hij samen met Tante, die altijd ongetrouwd bleef, vele buitenlandse reizen naast het werk op "De Boerderij". Mijn ouders zijn beiden, tot aan Tante's overlijden in 1978, voor haar blijven zorgen.


"Tante" was in De Peel gaan wonen en werken omdat haar vader, Gerrit Groenenboom, door de jaren heen grond had gekocht rondom Vliegveld Volkel. Groenenboom had er zo'n 100 hectare in cultuur gebracht. Na onteigening door Defensie ten behoeve van Vliegveld Volkel werd er uiteindelijk zo'n 45 hectare als fruitteeltbedrijf in ontwikkeling gebracht, wat door zijn dochter Klasina (Tante) geëxploiteerd werd. Hij woont dan zelf in Ridderkerk en bezoekt met enige regelmaat zijn dochter in "de Peel". Gerrit Groenenboom bezat enkele boerderijen in Zuid Holland en Utrecht, maar exploiteerde ook een betonfabriek, een busonderneming en was actief betrokken bij de ontwikkeling van landbouwprojecten in het Duits- Poolse grensgebied na de Vrede van Versailles. Zijn eerste contact in het peel-gebied ontstond op "landgoed Princepeel" in Mill, op een steenworp afstand van zijn latere bedrijf de Klasinahoeve. Een zakenrelatie van Groenenboom, die het landgoed pachtte voor de jacht van de familie van Ophoven, had hem in het Peelgebied gebracht. Groenenboom heeft op dit landgoed o.a. de teelt van vlas in ontwikkeling gebracht. Een teelt waarin veel, in Uden gehuisveste Belgische vluchtelingen tijdens de eerste wereldoorlog werk vonden omdat er een groot tekort aan linnen was.  Gerrit Groenenboom was naast goed zakenman en visionair, zeer humaan. Het uitbreken van de tweede wereldoorlog was voor hem een grote morele klap. In augustus 1940 overleed hij op 69 jarige leeftijd. Zijn dochter Klasina nam zijn activiteiten over, en had zich inmiddels permanent op de "Klasinahoeve" gevestigd. 


Lange tijd runde mijn vader samen met mijn moeder het eerder genoemde fruitteeltbedrijf van 10 hectare binnen het bedrijf van "Tante". Naast appels teelden mijn ouders aardbeien, frambozen, asperges en gladiolen. Na Tante's overlijden in 1978 werd het verouderde bedrijf wat Tante zelf exploiteerde grondig gereorganiseerd en door ons voortgezet in een nieuwe vorm. Mijn ouderlijk huis en 10 hectare grond werden verkocht en het hoofdgebouw "de Boerderij" verbouwden wij naar de eisen van die tijd. De fruitteelt maakte uiteindelijk plaats voor 35 hectare akkerbouw met grove tuinbouw, en er werden twee stallen gebouwd met ruimte voor 48.000 legkippen. Zo ontstond er in 1979 een nieuw, intensief landbouwbedrijf. 


Mijn persoonlijke interesse voor de landbouw ontwikkelde zich inmiddels ook, en ik besloot een opleiding te volgen aan de Middelbare Landbouwschool in Cuijk. Naast deze studie was er voldoende tijd om te werken en te groeien binnen ons, inmiddels gevarieerde bedrijf, waarbij de akkerbouw en de tuinbouw mijn voorkeur hadden. Gedurende 10 jaar heeft het bedrijf in deze nieuwe vorm bestaan, mede door de inzet van onze vaste medewerker G. van Daal, die 40 dienstjaren bij "Tante" en later bij ons gewerkt heeft. In 1989 hebben we, als gevolg van fysieke gezondheidsklachten van zowel mijn vader als mijzelf, besloten om het gehele bedrijf te verkopen. Een beslissing die achteraf gezien goed, maar zeker niet gemakkelijk was. Een beslissing ook waardoor de praktische landbouwactiviteiten in het Peel-gebied voor ons, de familie Boonstoppel en eerder de familie Groenenboom, ophielden te bestaan. Ik ben na dit besluit een studie gaan volgen, en heb vervolgens jarenlang praktijk gevoerd in de klassieke homeopathie. Een mooi, intensief vak.  Maar ja, het bloed kruipt...


...Zo rond mijn 40e jaar ben ik met nieuwe inzichten teruggekomen in een bedrijfstak waarin ik toch graag een rol wilde vervullen.. Ik heb mezelf wat ruimte gegeven om de landbouwsector opnieuw te leren kennen, en ben (internationaal) gaan pionieren naast een part-time baan. Naar aanleiding daarvan heb ik in 2016 mijn onderneming AgrOrganic in het leven geroepen. AgrOrganic werkt samen met partners aan diverse projecten in de ontwikkeling en de reorganisatie naar een meer duurzame vorm van landbouw. Wat onorthodox hier en daar door innovaties te combineren met oude, bewezen waarden en door achterhaalde productiesystemen te benoemen, ook als dat hier en daar wat weerstand oproept. Echter altijd met een onderbouwde visie, en met de intentie om de landbouw haar bestaansrecht te laten behouden. Circulair en terug naar de essentie, ook grootschalig, technologie niet beschouwend als oplossing maar als hulpmiddel, en meer aandacht voor de bodem als kostbaar productiemiddel zijn zaken die ik graag in de praktijk breng. Praktisch houdt dit in dat ik  landbouwprojecten ontwikkel, begeleiding biedt en educatie verzorg voor bedrijven/organisaties op weg naar een circulair landbouw- productiesysteem. Een systeem waar ecologie en economie in evenwicht zijn en hand in hand gaan. 


Arnhem, Januari 2020

Dim Boonstoppel